Verklarende woordenlijst

A B C D G H I K L O P R S T U V W

A

ABBYY FineReader document Een object gecreëerd door ABBYY FineReader om één brondocument te verwerken via structurele analyse. Het bevat pagina-afbeeldingen met de overeenstemmende herkende tekst (indien aanwezig) en programma-instellingen (opties voor scannen, herkennen, opslaan enz.).

ABBYY Hot Folder Een planningsmodule waarmee u een map met afbeeldingen kunt selecteren en kunt instellen op welk tijdstip de afbeeldingen in deze map moeten worden verwerkt. Op het ingestelde tijdstip worden de afbeeldingen in de geselecteerde map automatisch verwerkt.

ABBYY Screenshot Reader Een toepassing waarmee u screenshots kunt maken en de teksten in de screenshots kunt herkennen.

Actief gebied Een geselecteerd gebied in een afbeelding dat kan worden verwijderd, verplaatst of aangepast. Als u een gebied actief wilt maken, klikt u op het gebied. Het kader rond het actieve gebied is dikker dan normaal en is op de hoeken voorzien van kleine blokjes, waarmee u kunt slepen om de grootte van het gebied te wijzigen.

Activering Het verkrijgen van een speciale code van ABBYY waarmee de gebruiker zijn of haar exemplaar van de software op een bepaalde computer in de volledige modus kan uitvoeren.

Activeringscode Een code die tijdens de activeringsprocedure door ABBYY wordt verstrekt aan alle gebruikers van ABBYY FineReader 10. Deze code is vereist om ABBYY FineReader te kunnen activeren op de computer waarop de Product-ID gegenereerd is.

ADRT® (Adaptive Document Recognition Technology) Een technologie die de conversiekwaliteit verbetert bij het verwerken van documenten met meerdere pagina’s. Met deze technologie worden ook structurele elementen herkend zoals koppen, kop- en voettekst, voetnoten, paginanummering en handtekeningen.

Afdruktype is een parameter die aangeeft hoe de brontekst is geproduceerd (met een laserprinter of een hiermee gelijkwaardig apparaat, met een schrijfmachine, enz.). Selecteer voor tekst uit een laserprinter Automatische opsporing; selecteer voor tekst uit een schrijfmachine Typemachine; selecteer voor faxen Fax.

Afdruktype document Een parameter die aangeeft hoe de brontekst is geproduceerd (met een laserprinter of een gelijkwaardig apparaat, met een matrixprinter of met een schrijfmachine). Voor teksten die met een laserprinter zijn afgedrukt, moet de modus Auto worden ingesteld. Voor teksten die met een schrijfmachine gemaakt zijn, selecteert u de modus Typemachine en voor teksten die met een matrixprinter zijn afgedrukt, kiest u de modus Matrixprinter.

Afkorting Een verkorte vorm van een woord of een zinsnede, die wordt gebruikt in plaats van de volledige vorm. Bijvoorbeeld MS-DOS (Microsoft Disk Operating System) of VN (Verenigde Naties).

Automation Manager Hiermee kunt u geautomatiseerde taken maken, wijzigen en uitvoeren of aangepaste geautomatiseerde taken verwijderen die u niet meer gebruikt.

Automatische documentinvoer (ADF) Een voorziening waarmee documenten automatisch in de scanner worden ingevoerd. Een scanner met automatische documentinvoer stelt u in staat meerdere pagina’s te scannen zonder handmatige handelingen uit te voeren. ABBYY FineReader ondersteunt ook het scannen van documenten met meerdere pagina’s.

Finereader backtotop Verklarende woordenlijst Terug naar begin

B

Barcodegebied Een gebied dat wordt gebruikt voor barcodes in een afbeelding.

C

Codetabel Een tabel waarin het verband tussen de tekencodes en de tekens zelf wordt vastgelegd. De gebruikers kunnen uit de codetabel de tekens selecteren die ze nodig hebben.

D

Documentanalyse Het proces waarbij logische structuurelementen en verschillende gebiedstypen in een document worden geselecteerd. Een documentanalyse kan automatisch of handmatig worden uitgevoerd.

Documentopties De opties die kunnen worden geselecteerd in het dialoogvenster Opties (Gereedschappen>Opties). De opties kunnen ook betrekking hebben op gebruikerstalen en patronen. U kunt de documentopties opslaan, zodat ze ook gebruikt (geladen) kunnen worden in andere ABBYY FineReader-documenten.

Dots per inch (dpi) Maateenheid voor de resolutie van afbeeldingen.

Finereader backtotop Verklarende woordenlijst Terug naar begin

G

Gebied Een gedeelte van een afbeelding, omgeven door een kader. Voordat de OCR wordt uitgevoerd, detecteert ABBYY FineReader tekst-, illustratie-, tabel- en barcodegebieden om te bepalen welke delen van de afbeelding moeten worden herkend en in welke volgorde.

Gebiedsanalyse Hierdoor worden de gebieden in de paginalay-out gedetecteerd. Er wordt hierbij uitgegaan van vijf gebiedstypes: tekst, afbeelding, tabel, barcode en herkenningsgebied. De gebiedsanalyse kan automatisch worden uitgevoerd wanneer u op de knop Lezen klikt, maar de gebruiker kan deze analyse ook handmatig uitvoeren voordat de OCR wordt gestart.

Gebiedsjabloon Een sjabloon met informatie over de grootte en locatie van gebieden in een reeks soortgelijke documenten.

Genegeerde tekens Alle tekens die geen letters zijn en die binnen een woord kunnen voorkomen, zoals afbreekstreepjes of accenten. Deze tekens worden tijdens de spellingcontrole genegeerd.

H

Helderheid Een scanparameter die het contrast tussen zwarte en witte delen van een afbeelding aangeeft. Wanneer u de juiste helderheid instelt, komt dit de OCR-kwaliteit ten goede.

Herkenningsgebied Een gebied dat een deel van een afbeelding omsluit, dat automatisch door ABBYY FineReader moet worden geanalyseerd.

I

Illustratiegebied Een gebied dat wordt gebruikt voor afbeeldingsgebieden waarin illustraties voorkomen. Een illustratiegebied kan een illustratie bevatten, maar ook een ander soort object dat als illustratie moet worden weergegeven (bijvoorbeeld een tekstgedeelte).

K

Kleurmodus Een scanparameter die bepaalt of een afbeelding in zwart-wit, in grijswaarden of in kleur gescand wordt.

L

Lettertype-effecten De opmaak van een lettertype (vet, cursief, onderstreept, doorgehaald, subscript, superscript, klein kapitaal).

Licentiebeheer Een hulpprogramma dat wordt gebruikt voor het beheer van de licenties voor ABBYY FineReader en voor het activeren van ABBYY FineReader 10 Corporate Edition.

Ligatuur Een combinatie van twee of meer ‘aan elkaar geplakte’ tekens (bijvoorbeeld fi, fl of ffi). Deze tekens zijn tijd
ens de tekenherkenning vaak moeilijk van elkaar te scheiden, doordat ze tegen elkaar zijn afgedrukt. De OCR-kwaliteit kan worden verbeterd door een ligatuur te beschouwen als één samengesteld teken.

O

Omgekeerde afbeelding Een afbeelding met witte tekens tegen een donkere achtergrond.

Omnifont-systeem Een herkenningssysteem dat zonder voorafgaande training tekens uit elk willekeurig lettertype kan herkennen.

Onduidelijke tekens Tekens die mogelijk niet correct herkend zijn. Onduidelijke tekens worden door ABBYY FineReader automatisch gemarkeerd.

Onduidelijke woorden Woorden die één of meer onduidelijke tekens bevatten.

Optioneel afbreekstreepje Een afbreekstreepje (¬) dat precies aangeeft waar woorden of woordcombinaties afgebroken kunnen worden indien deze aan het einde van een regel staan (het woord “afbreekstreepje” moet bijvoorbeeld worden gesplitst als “afbreek-streepje”). ABBYY FineReader vervangt alle afbreekstreepjes in woorden uit het woordenboek door optionele afbreekstreepjes.

Finereader backtotop Verklarende woordenlijst Terug naar begin

P

Pagina-indeling De indeling van tekst, tabellen, illustraties, alinea’s en kolommen op een pagina, plus informatie over het lettertype, de tekengrootte, de tekenkleur, de achtergrond en de tekststand.

Paradigma Alle grammaticale vormen van een woord.

Patroon Een verzameling paren (elk paar bestaat uit een tekenafbeelding en het teken zelf), die tijdens de patroontraining wordt opgebouwd.

PDF met tags Een PDF-document met informatie over de documentstructuur, zoals de logische indeling, illustraties en tabellen. Deze structuur wordt vastgelegd in PDF-tags. Een PDF-document met tags kan aan verschillende schermformaten worden aangepast en kan ook worden weergegeven op mobiele apparatuur met kleine beeldschermen.

PDF-beveiligingsinstellingen Hiermee kan worden voorkomen dat een PDF-document kan worden geopend, bewerkt, gekopieerd of afgedrukt. De volgende instellingen zijn beschikbaar: Wachtwoord voor openen document, Wachtwoord voor toegangsrechten en Coderingsniveau.

Primaire vorm De basisvorm van een woord in het woordenboek.

Product-ID Een parameter die automatisch op basis van de hardwareconfiguratie wordt gegenereerd wanneer ABBYY FineReader op een computer wordt geactiveerd.

R

Resolutie Een scanparameter die bepaalt welke mate van detaillering (uitgedrukt in dpi) tijdens het scannen gebruikt wordt. Een resolutie van 300 dpi is geschikt voor teksten met een tekengrootte van 10 pt of meer, terwijl een resolutie van 400 tot 600 dpi de voorkeur verdient bij teksten met een kleinere tekengrootte (9 pt of minder).

Finereader backtotop Verklarende woordenlijst Terug naar begin

S

Samengesteld woord Een woord dat uit twee of meer stammen bestaat (algemene betekenis); een woord dat niet in het woordenboek voorkomt, maar dat samengesteld kan worden uit twee of meer woorden die wel in het woordenboek voorkomen (betekenis in de context van ABBYY FineReader).

Scanner Een apparaat waarmee afbeeldingen in een computer kunnen worden ingevoerd.

Scheidingstekens Tekens die woorden kunnen opsplitsen (bv. /, \, -) en die zelf van het woord worden gescheiden door een spatie.

Stuurprogramma Een programma voor het aansturen van randapparatuur, zoals een scanner, een printer of een monitor.

T

Tabelgebied Een gebied dat wordt gebruikt voor tabelgedeelten van een afbeelding of voor tekstgebieden die in tabelvorm gestructureerd zijn. Wanneer een dergelijk gebied wordt gelezen, worden er verticale en horizontale scheidingstekens binnen het gebied aangebracht om een tabel te vormen. Dit gebied wordt in de uitvoertekst vormgegeven als een tabel.

Tekstgebied Een gebied dat tekst bevat. Tekstgebieden behoren alleen tekst te bevatten die in één kolom is opgemaakt.

Training Het leggen van verbanden tussen de tekenafbeeldingen en de tekens zelf. (Zie Herkenning met training voor meer informatie.)

U

Unicode Een standaard die is ontwikkeld door het Unicode Consortium (Unicode, Inc). Deze standaard heeft betrekking op een 16-bits internationaal coderingssysteem voor het verwerken van teksten die in een van de wereldtalen geschreven zijn. Deze standaard kan gemakkelijk uitgebreid worden. De Unicode-standaard bepaalt de tekencodering, evenals eigenschappen en procedures die gebruikt worden bij het verwerken van teksten die in een bepaalde taal zijn geschreven.

V

Vaste tekenafstand Dit is een eigenschap van bepaalde lettertypen (bijvoorbeeld Courier New), waarbij alle tekens evenveel ruimte in beslag nemen. Voor een beter OCR-resultaat bij lettertypen met vaste tekenbreedte selecteert u Gereedschappen>Opties… en vervolgens klikt u op het tabblad Document en selecteert u Typemachine bij de optie Afdruktype document.

Verboden tekens Als bepaalde tekens nooit in een herkende tekst zullen voorkomen, kunt u deze bij de taalgroepeigenschappen specificeren in een verzameling van verboden tekens. Door verboden tekens in te stellen, kunt u de snelheid en de kwaliteit van de OCR verbeteren.

W

Wachtwoord voor openen document Een wachtwoord dat verhindert dat een andere gebruiker een PDF-document kan openen zonder het wachtwoord in te voeren dat door de maker van het document is ingesteld.

Wachtwoord voor toegangsrechten Een wachtwoord dat verhindert dat andere gebruikers een PDF-document kunnen afdrukken en bewerken zonder het wachtwoord in te voeren dat door de maker van het document is ingesteld. Als bepaalde beveiligingsinstellingen voor het document zijn ingeschakeld, kunnen andere gebruikers deze instellingen niet wijzigen zonder eerst het wachtwoord in te voeren dat door de maker van het document is ingesteld.

Finereader backtotop Verklarende woordenlijst Terug naar begin

Verklarende woordenlijst